Genesis 42:36

SVToen zeide Jakob, hun vader, tot hen: Gij berooft mij van kinderen! Jozef is er niet, en Simeon is er niet; nu zult gij Benjamin wegnemen! al deze dingen zijn tegen mij!
WLCוַיֹּ֤אמֶר אֲלֵהֶם֙ יַעֲקֹ֣ב אֲבִיהֶ֔ם אֹתִ֖י שִׁכַּלְתֶּ֑ם יֹוסֵ֤ף אֵינֶ֙נּוּ֙ וְשִׁמְעֹ֣ון אֵינֶ֔נּוּ וְאֶת־בִּנְיָמִ֣ן תִּקָּ֔חוּ עָלַ֖י הָי֥וּ כֻלָּֽנָה׃
Trans.wayyō’mer ’ălēhem ya‘ăqōḇ ’ăḇîhem ’ōṯî šikalətem ywōsēf ’ênennû wəšimə‘wōn ’ênennû wə’eṯ-binəyāmin tiqqāḥû ‘ālay hāyû ḵullānâ:

Algemeen

Zie ook: Jakob, Jozef (zn v. Jakob), Simeon

Aantekeningen

Toen zeide Jakob, hun vader, tot hen: Gij berooft mij van kinderen! Jozef is er niet, en Simeon is er niet; nu zult gij Benjamin wegnemen! al deze dingen zijn tegen mij!


Vertaalnotities

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.
    Zie hier over het gebruik van de interlineair.

וַ

-

יֹּ֤אמֶר

Toen zeide

אֲלֵ

tot

הֶם֙

-

יַעֲקֹ֣ב

Jakob

אֲבִיהֶ֔ם

hun vader

אֹתִ֖י

mij

שִׁכַּלְתֶּ֑ם

hen: Gij berooft

יוֹסֵ֤ף

van kinderen! Jozef

אֵינֶ֙נּוּ֙

is er niet

וְ

-

שִׁמְע֣וֹן

en Simeon

אֵינֶ֔נּוּ

is er niet

וְ

-

אֶת־

-

בִּנְיָמִ֣ן

nu zult gij Benjamin

תִּקָּ֔חוּ

wegnemen

עָלַ֖י

tegen

הָי֥וּ

deze dingen zijn

כֻלָּֽנָה

al


Toen zeide Jakob, hun vader, tot hen: Gij berooft mij van kinderen! Jozef is er niet, en Simeon is er niet; nu zult gij Benjamin wegnemen! al deze dingen zijn tegen mij!


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!