G43 ἀγκάλη
bocht
Taal: Grieks

Statistieken

Komt 1x voor in de Bijbel.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

agkale, zn. vr. van agkos (een bocht, "pijn");


1) de bocht of binnenhoek van de arm, de gebogen arm; 2) alles wat nauw ingesloten is, zoals b.v. de zeearmen, enz.;


Lexicon G. Abbott-Smith

Voor meer informatie: G. Abbott-Smith's A Manual Greek Lexicon of the New Testament (New York: Scribner's, 1922)

ἀγκάλη, -ης, ἡ (< ἄγκος, a bend), [in LXX for אַצִּיל H679, חֵיק H2436;] the bent arm: Lk 2:28 (cf. ἐναγκαλίζομαι).†
Bronnen

Synoniemen en afgeleide woorden

Grieks ἄγκιστρον G44 "vishaak"; Grieks ἄγκυρα G45 "anker"; Grieks ἀνάγκη G318 "noodzaak"; Grieks ἐναγκαλίζομαι G1723 "omarmen"; Grieks ὄγκος G3591 "uitpuiling, knobbel";

Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Cadeauwinkel