H3198 יָכַח
tuchtigen, straffen, bestraffen, rechtspreken, berispen naarstiglijk -, berispen
Taal: Hebreeuws

Onderwerpen

Tucht, Straf, Vergelding,

Statistieken

Komt 59x voor in de Bijbel.

Zie hier voor een verklaring van de gebruikte coderingen.

Woordstudie

yakach, ww., TWOT 865


1) Qal bewijzen, beslissen, oordelen, berispen, terechtwijzen, verbeteren, gelijk hebben; 1a) Hiphil; 1a1) beslissen, oordelen; 1a2) toekennen, aanstellen; 1a3) zijn gelijk tonen, bewijzen; 1a4) overtuigen, overreden; 1a5) berispen, bestraffen; 1a6) verbeteren; 1b) Hophal berispt worden; 1c) Niphal pleiten, overleggen; 1d) Hithpael ruzie maken;


Voorkomend in de LXX als: βλασφημεωG987 "spotten met, lasteren, bespotten"; εξελεγχωG1827 "overtuigen"; ετοιμαζωG2090 "gereedmaken, voorbereiden"; ονειδιζωG3679 "verwijten, berispen, beschimpen"; παιδευωG3811 "kinderen opvoeden, opleiden, trainen"; ελεγχωG1651 "overtuigen (van dwaling), weerleggen"; ελεγχοςG1650 "bewijs, tegenbewijs, weerlegging, berisping, terechtwijzing"; αληθευωG226 "waarheid spreken"; 


Literatuur


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!


Mede mogelijk dankzij

Doneer Aantekeningen bij de Bijbel