Landbouw
γεωργέω G1090 "landbouw uitoefenen", γεωργός G1092 "landbouwer, wijngaardenier", אִכָּר H406 "akkerlieden, landman, akkerman, landbouwer", גּוּב H1461 "akkerlieden, landbouwers", יָגַב H3009 "akkerlieden, landbouwers",

Zie ook: Artikelen Blog, Bedoeïenen / Nomaden, Landbouwer, Oogst, Veeteelt,

Landbouw (ook: agricultuur) is het geheel van economische activiteiten waarbij het land wordt gebruikt ten behoeve van de productie van planten en dieren voor menselijk gebruik. Er bestaan vele definities, waarbij meestal de tuinbouw en veeteelt tot landbouw worden gerekend.

Inhoud

Bijbel

Na de Exodus werd de bevolking van Israël minder nomadisch maar steeds meer agrarisch ingesteld, dat had als gevolg dat ze nauw betrokken waren met de natuur en het natuurgebeuren. Het is dan ook niet vreemd dat we telkens sporen vinden van een verdere seizoensindeling afhankelijk van de afwisselende werkzaamheden waar de landbouw aanleiding toe geeft. Mochten de aartsvaders nog semi-nomadische herdersvorsten zijn geweest. Hun nakomelingen maakten in Egypte voor het eerst kennis met de grondslagen van de landbouw. Tijdens de Exodus wordt het beloofde land niet meer alleen voorgesteld als een land “overvloeiende van melk en honing” maar worden termen gebruikt als “een land van tarwe en gerst, en wijnstokken, en vijgenbomen, en granaatappels; een land van olierijke olijfbomen, en van honig.” (Deut. 8:8) Later in de gouden periode van Israël zien we dat de landbouw en de fruitcultuur een zodanige omvang hebben aangenomen dat verschillende producten, waaronder tarwe en olijfolie, geëxporteerd kunnen worden (1 Kon. 5:11), terwijl de periode van vrede tijdens Salomo's regering omschreven wordt als “En Juda en Israël woonden zeker, een iegelijk onder zijn wijnstok en onder zijn vijgenboom, van Dan tot Ber-seba” (1 Kon. 4:25).

In de Bijbel vinden we dan ook vele verwijzingen waaruit het boerenleven naar voren komt, Zo komen Naomi en haar schoondochter Ruth in Bethlehem bij het “begin van de gerstoogst” (Ruth 1:22), terwijl Simson zijn vrouw bezocht in “de tijd van de korenoogst” (Gen. 30:14) en Amos (Amos 7:1) stelt dat de sprinkhanen in “de tijd waarop het late zaad begint op te komen” te voorschijn komen. Dat deze landbouwers zich niet specialiseerden op één soort graan blijkt uit de geschiedenis van Ruth waarin wordt verhaald dat ze op het gebied van Boaz de aren bleef lezen “totdat de gerstoogst en tarweoogst voleindigd waren” (Ruth 2:23). Uit Ezechiël weten we dat ook “tarwe, en gerst, en bonen, en linzen, en gierst, en spelt” (Ezech. 4:9) werden geteeld.

Oude wijngaarden bij AvdatDaarnaast plantte men ook bomen voor hun vruchtgebruik. Wijngaarden werden aangelegd door het hele land en zelfs na eeuwen kan men nog in de woestijnen deze gaarden herkennen, zoals bij Avdat. Olijf- en vijgenbomen stonden dicht bij hun huizen en ook gaarden met de sycomoor in de Jordaanvallei werden aangelegd, waar op gezette tijden de vruchten werden afgelezen (Amos 7:14). Sommige plekken werden beroemd om de gewassen die werden verbouwd, zoals En Gedi die door de Amorieten de oase Hazezon-Thamar (“snoeien van de palmen”) werd genoemd, wat erop wijst dat hier eens palmen groeiden. Later tijdens de regering van Salomo stond de plaats bekend om zijn wijngaarden (Hoogl. 1:14). Ten tijde van de Romeinen was het een centrum voor parfumerie en waren er allerlei zeldzame specerijen te vinden. Hoezeer de bevolking agrarisch was ingesteld blijkt uit de benaming van de (Kanaänitische) maanden, die in verband stonden met de jaargetijden: Abib, de maand van de aren (Exod. 13:4; 23:15; 34:18; Deut. 16:1; cf. de plaatsnaam Tel Aviv “heuvel van de aren”); Ziv, de maand van de bloemen (1 Kon. 6:1, 37); Ethanim, de maand waarin alleen stromende beken water hebben (1 Kon. 8:2; in tegenstelling tot de wadi's die alleen water hebben als het heeft geregend); Bul, de maand van de zware regens (1 Kon. 6:38). Een ander voorbeeld is de vondst van Macalister in 1908 op de locatie Tell el-Jazari (Het oude Gezer, 30km NW van Jeruzalem) van een tablet welke vermoedelijk is geschreven in 925 v. C. (dus uit de tijd van de Israëlitische koningen) en waarop de zaai- een oogstmaanden staan. Dit kalkstenen tablet is een van de oudste overblijfselen waar het Hebreeuwse schrift op staat.


Jodendom

Ook in de hedendaagse joodse cultuur is de landbouw nog steeds belangrijk, zo wordt twee maanden voor Pesach het Chamisjah-'Asar-bisj' of Tu B'shvat wat het Nieuwjaar der Bomen (Mishna Rosh Hashanah 1, 1; S. Ph. de Vries, p. 111) gevierd. Dit feest kenmerkt zich door een uitgebreide maaltijd, waar allerlei verse vruchten (liefst vanuit Israël) worden gegeten en door het planten van bomen. Regelmatig gaan jongelui de huizen langs om amandelen, sinaasappelen en dergelijke te verkopen, waarbij de opbrengst voor een fonds is waarmee in Israël nieuwe bomen geplant kunnen worden.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!