Jona (vis)

Zie ook: Jona (boek), Vissen, Walvis,

Het wonder dat Jona door een grote walvis wordt opgeslokt is een van de bekende verhalen die al vroeg op de zondagsschool worden verteld. Meestal wordt de nadruk gelegd op allerlei smeuïge details die niet in de Bijbel worden genoemd. 

Inhoud

Bijbel

Als we het verhaal lezen in Jona 2 dan valt op dat in het eerste vers we lezen over een grote vis en niet over een walvis, haai of wat dan ook. En dat deze grote vis Jona heeft ingeslikt, zodat deze drie dagen in de maag van deze vis zat. Maar dan begint een beschrijving die in veel zondagsschool verhalen niet wordt vermeld, Jona geeft een beschrijving van iemand die verdrinkt. Nadat Jona in het water is gegooid, blijft hij niet drijven, golven slaan over hem heen (vs 4 ), het water staat hem tot de lippen (vs 6) en hij zakt naar de bodem dat hij verstrikt raakt in het wier. Hij beseft dat zijn laatste uur heeft geslagen en dat hij in de Sheol komt, de onderwereld, het gebied waar alle doden naar toe gaan (vs 6). De zee is zijn graf geworden (vs 7), en hij verliest zeer waarschijnlijk het bewustzijn (vs 8). Op de vraag of Jona dood was, is het interessant om te kijken wat Christus zegt: "Want zoals Jona drie dagen en drie nachten in de buik van het zeemonster zat, zo zal de Mensenzoon drie dagen en drie nachten in de schoot van de aarde zijn." (Mat 12:40) We weten dat Christus drie dagen dood was, en ons baserend op deze tekst lijkt het zeer logisch om te veronderstellen dat ook Jona dood was. Vanuit deze zienswijze is het net alsof deze grote vis niet geholpen heeft bij zijn overleven maar bij zijn wederopstanding. Er wordt namelijk alleen gesproken dat na drie dagen God de vis Jona laat uitspuwen op het droge.


Overige bronnen

3 Makkabeeën 6:6
Gij hebt Daniël, die door nijdige beschuldigingen in de kuil de leeuwen voorgeworpen was, tot spijs der wilde dieren, onbeschadigd weder in het licht gebracht; en gij hebt, o Vader, Jona, die in de buik van een walvis, die zich in de diepte ophoudt, gestadig als versmolt, ongekwetst aan al zijn huisgenoten vertoond.


Als Jona door een grote vis is opgeslokt, is dit dan een uniek geval of bestaan er soortgelijke situaties. Bij vangsten van de grote witte haai is het bekend dat daar af en toe ook de overblijfselen van mensen zijn gevonden en uit de begintijd van de walvisvaart is het bekend dat de verschillende walvissen en daarbij vooral de potvis geduchte tegenstanders waren die de kleine bootjes aanvielen en de mensen met hun grote bekken probeerden te doden.

De kans dat als zo'n walvisvaarder overboord was geslagen bij zo'n aanval, dat de walvis dan eerst op zijn gemak de overboord geslagene gaat oppeuzelen of doorslikken is minimaal. Uit de meeste verslagen die ik heb gelezen blijkt dat de walvis probeert te ontsnappen en dat de overboord geslagenen verdronken in het koude water als ze niet binnen een minuut werden gered. In de meeste gevallen werden deze zeevaarders niet meer teruggevonden omdat ze naar de bodem zakten.

Ik heb slechts twee uitzonderingen gevonden dat een walvis niet een van de kleine bootjes verpulverde maar ook het moederschip aanviel, als eerste het bekende verslag uit het boek van Nathaniel Philbrick "In the Heart of the Sea: The Tragedy of the Whaleship Essex" waarin hij beschrijft dat een man genaamd Owen Chase een walvis harpoeneert en dat het ongewone zich voordoet dat deze walvis niet vlucht maar het moederschip de Essex aanvalt en deze zodanig weet te beschadigen dat de ze begint te zinken. Deze geschiedenis was de inspiratie voor Herman Melville's boek "Moby Dick". Het enig andere verhaal waarvan zeker is dat een schip door een walvis is aangevallen is die van Charles Boardman Hawes "Whales and Whaling" (1924), de beschreven situatie is dezelfde: een walvis wordt geharpoeneerd door een harpoenier vanuit een van de kleine "mate-ships" en de walvis vlucht vervolgens richting het moederschip genaamd Ann Alexander en weet daar een groot gat in te beuken, het schip zinkt langzaam en de bemanning wordt een paar dagen later gered door hun con-collegae van het schip de Nantucket. Het verhaal wil dat later deze walvis alsnog wordt gevangen door de New Bedford walvisvaarder de Rebecca Sims en dat deze twee harpoenen en verschillende stukken hout in zijn voorhoofd. Echter dit laatste lijkt mij meer een verzinsel om het verhaal mooi te maken.

Toch doen er verschillende verhalen de rondte dat mensen opgeslokt worden door walvissen en later weer levend (nooit dood!) terug worden gevonden. Tot de twee meest bekende behoren de volgende:

De walvisvaarder Star of the East was in december 1890 ter hoogte van de Falkland eilanden en een grote potvis was gesignaleerd, tijdens de aanval gooit deze een van de kleine "mate ships" om en een zekere James Bartley wordt met drie anderen in zee gesmeten en worden door de kapitein in het logboek genoteerd als "Overboord geslagen, vermoedelijk verdronken". Wat later weet de overgebleven bemanning alsnog de potvis te doden en toen ze het dier aan het opensnijden waren, zagen ze iets in de maag van het monster nog iets bewegen. Ze sneden de maag open en vonden daar James Bartley, die in een diepe coma was, maar nog zichtbaar ademde. Na een paar dagen kwam hij weer bij en hervatte zijn werk. Op de plekken waar zijn lichaam niet beschermd was geweest door kleding, was de huid aangevreten door het maagzuur van de potvis en was daardoor de rest van zijn leven getekend. Ondanks dat het in de annalen van Lloyd is opgetekend zijn (zei het dat niet alle documenten helaas aanwezig waren) er ook berichten dat dit gelogen is. Op basis van de huidige gegevens gaat men er vanuit dat de gebeurtenis niet heeft plaatsgevonden.

Het andere verhaal wordt vermeld in Paul Budker's boek "Whales and Whaling" (1959), waarin een zekere dokter Egerton Y. Davis, Jr vermeld dat een zeeman van de schoener Toulinguet, waarop hij werkzaam was, wordt opgeslokt. Echter dit verhaal is zo fantastisch en waarin verschillende details als de naam van de schoener en de persoon van de dokter niet zijn na te trekken, dat dit als een hoax, een nepverhaal moet worden beschouwd.

Een laatste verhaal is die van een plezier jacht die ter hoogte van de Whitsunday eilanden (Australië) in 2003 werd aangevallen. Gedetailleerde gegevens ontbreken echter.


Naast de genoemde overleveringen van walvisvaarders zijn er ook verschillende mythen die een zelfde thema behandelen. De bekendste is die van Andromeda die door Perseus gered werd.

Andromeda was de dochter van Cepheus (koning van Ethiopië) en Cassiopeia, welke laatste trots op haar schoonheid, zich vergeleek met de Nereïden (de 50 dochters van de zeegod Nereus, zeenimfen). Als straf voor deze hoogmoedigheid werd een vreselijk zeemonster (Cetus) op de kusten van Ethiopië afgestuurd om die te verwoesten. Toen koning Cepheus het orakel raadpleegde wat hij moest doen om van dit afschuwelijke monster bevrijd te worden, werd hem geantwoord, dat hij zijn dochter Andromeda prijs moest geven aan het monster. Om die reden werd zij op een rots in zee, in de buurt van Joppe vastgebonden. Maar Perseus, die juist de Gorgo Medusa had gedood, versloeg het zeemonster, bevrijde Andromeda en kreeg haar tot vrouw. De restanten van de kettingen waarmee Andromeda op de rots was geketend waren tijden zichtbaar en de botten van het monster werden in Joppe zelf tentoongesteld, totdat Marcus Aemilius Scaurus ze meenam naar Rome.

Een andere mythe is die van Hesione, die net als Andromeda geketend wordt aan een rots ter hoogte van Troje en gered wordt door Heracles, waarbij de laatste tijdens het gevecht met het monster werd opgeslokt en pas drie dagen later weer te voorschijn kwam.

In beide verhalen wordt het monster Cetus genoemd, wat de Griekse benaming is voor walvis. Daarnaast is het zeer interessant dat in de mythe van Andromeda een deel van het verhaal zich in de buurt van Joppe afspeelt. Terwijl in het laatste verhaal Heracles net als Jona zich drie dagen in de buik van het monster bevind. Het lijkt er dan ook op dat er een connectie is tussen deze mythen en het verhaal van Jona.


Grote vissen en walvissen voorkomend in de Middellandse Zee

Als eerste als in de Bijbel wordt gesproken over een vis, dan hoeft dit niet per se te slaan op wat wij onder vissen verstaan, ook dolfijnen en walvissen vallen binnen deze categorie. Daarnaast moet het een dier zijn geweest van behoorlijke grootte en een logische aanname is dat dit dier minimaal 6 meter of groter moet zijn geweest. Men denkt bij dit soort grootte meteen aan haaien en walvissen en een vraag die dan meteen opkomt is of er zulke grote walvissen of haaien voorkomen in de Middellandse Zee. Het blijkt dat deze dieren niet alleen in de verschillende oceanen voorkomen maar soms ook afdwalen in de Middellandse Zee.

Hieronder een overzicht van de verschillende walvissen en haaien die de afgelopen jaar in de Middellandse Zee zijn gesignaleerd. Hierbij moet rekening worden gehouden dat de mogelijkheid bestaat dat verschillende van deze dieren pas sinds de aanleg van het Suezkanaal voorkomen.

Soorten walvissen
Wetenschappelijke Naam Nederlands Lengte
Balaenoptera physalus (Linnaeus, 1758) Gewone Vinvis 21 - 23
Delphinus delphis (Linnaeus, 1758) gewone dolfijn 1,5 - 2,6
Globicephala melas (=melaena) (Traill, 1809) Griend 4 - 8,5
Orcinus orca (Linnaeus, 1758) Orca 8,5 - 9,5
Physeter macrocephalus (=catodon) (Linnaeus, 1758) Potvis 18
Pseudorca crassidens (Owen, 1846) Zwarte zwaardwalvis 3,7 - 5,9
Ziphius cavirostris (G.Cuvier, 1823) Dolfijn van Cuvier 5.3 - 6,9
Soorten haaien
Wetenschappelijke Naam Nederlands Lengte
Cetorhinus maximus (Gunnerus, 1765) Reuzenhaai 9,5 - 15,2
Carcharodon carcharias (Linnaeus, 1758) Witte haai 6,5 - 10

Daarnaast zijn ook de botten gevonden van Noordkaper (Eubalaena glacialis) en de Grijze Walvis (Eschrichtius robustus) in de Middellandse Zee (Proceedings of the Royal Society B: Biological Sciences, Forgotten Mediterranean calving grounds of grey and North Atlantic right whales: evidence from Roman archaeological records, Vol. 285, issue 1882; Daily Beast, Did Researchers Just Solve the Jonah and the Whale Puzzle?, 28 juli 2018).


Tandbaars

De tandbaars is een vis die zijn hele leven blijft groeien en heeft als eigenaardigheid dat als deze jong is vrouwelijk is en later mannelijk wordt. Deze vis komt in de hele Middellandse Zee en Atlantische Oceaan voor. Vanwege de intensieve jacht op dit dier ziet men tegenwoordig zelden exemplaren die groter zijn dan 1,5 meter, maar er zijn ook recentelijk nog exemplaren gevangen van ruim 3 meter lengte.

Nu las ik pas geleden een artikel over deze vis dat deze vroeger veel groter was en daarbij werd verwezen naar onderstaande mozaïek waarop je kunt zien dat een mens wordt ingeslikt. De eerste gedachte die bij me opkwam, zou dit een mogelijke kandidaat zijn geweest voor de vis van Jona. Ondanks dat de verleiding zeer groot is moet je kritisch blijven. Ook al zou, zoals het artikel stelt, de tandbaars vroeger groter zijn geweest dan nog zou deze minimaal een meter of 8 lengte zijn wil het een volwassen mens kunnen inslikken. Daarnaast is het een artistieke afbeelding, met een grote kans dat het wat overdreven is en de vis als een soort monster afbeeld. Tot slot, je ziet dat de persoon die wordt ingeslikt naakt is, dit kan er op wijzen dat het niet om een volwassen persoon gaat, want die waren meestal gekleed. De kans is groter dat het om kind gaat, als je dit bovendien vergelijkt met de afmetingen van de vis zelf dan komen de afmetingen ook veel beter overeen.

Kortom, hoe leuk de gedachte ook is dat het de vis van Jona zou kunnen zijn geweest, denk ik toch niet dat de vis van Jona een tandbaars is geweest.


Hypotheses


Een dode Jona?
Voor David Pawson is de hamvraag: was Jona nu dood of nog levend? Hij kwam tot de conclusie dat die (wal)vis een lijk heeft opgeslokt en geen levende Jona. Hij baseert zich op de volgende passages in de Bijbel


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!