Achab (koning)
אַחְאָב H256 "Achab",

koning

Was de zoon van Omri die hij opvolgde als koning van het toenmalige tienstammenrijk noordelijk van het koninkrijk Juda gelegen. Hij was getrouwd met Izebel, de dochter van koning Eth-baäl van Tyrus.  Hij regeerde ongeveer 22 jaar. Achab was een van de koningen die door de Bijbel "slecht" werd genoemd.


Politiek

Ondanks dat Achab in de Bijbel als een slecht persoon wordt afgebeeld heeft hij toch verschillende goede dingen gedaan. Zo bevorderde hij de welvaart van zijn volk en men neemt aan dat tot Achabs bouwwerkzaamheden ook de voltooiing behoorde van de versterkingen van de stad Samaria. Verder had hij in deze stad een 'ivoren paleis' gebouwd, tijdens opgravingen zijn Fenicisch fijn snijwerk gevonden waaruit de culturele invloed van zijn vrouw Izebel herkenbaar is. Daarnaast herbouwde hij Hazor en Megiddo. De bekende "Salomo's stallen" in Megiddo waren in feite door Achab gebouwd. In eerste instantie waren het eerst magazijnen met garnizoensvoorraden, zoals ook uit opgravingen in Tell es-Seba is gebleken. Ook het vernuftige watertoevoersysteem met diepe grote schacht en trappen in Megiddo, evenals dat in Hazor, zouden onder zijn regering zijn gebouwd.

Onder invloed van zijn vrouw Izebel werd in Israël de dienst ter ere van de Tyrische Baäl sterk ingevoerd. Het was deze religieuze koers dat hij in contact en conflict kwam met de profeet Elia (1 Kon. 18) die met het regenwonder op de berg Karmel de Baälpriesters versloeg. Later kwam hij nog een keer in contact met de profeet in de kwestie van de wijngaard van Naboth (1 Kon. 21).

Zijn nageslacht werd later uitgemoord door Jehu (2 Kon 10: 17).


Oorlogen

Volgens de Kurkh stela van Salmanesser III vocht Achab in 853 v.C. tegen hem in de slag bij Karkar, hierbij verloor Achab 2000 strijdwagens en 10.000 soldaten. In werkelijkheid werd Shalmaneserhier tijdelijk tot staan gebracht en was het tot -841 v.C. veilig.

Op de Mesha stela (830 v.C.) wordt hij genoemd: "Wat Omri betreft, koning van Israël, hij vernederde Moab vele jaren. En zijn zoon volgde hem op en ook hij zei: 'ik zal Moab vernederen'. Zo sprak hij in mijn tijd, maar ik overwon hem en zijn huis, terwijl Israël onderging voor immer."



Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!