Luther

Zie ook: Beeldbank, Kerkgeschiedenis,

Maarten Luther (Duits: Martin Luther) (Eisleben, 10 november 1483 – aldaar, 18 februari 1546) was een Duits protestantse theoloog en reformator.

Inhoud

Leven

Begonnen als augustijner monnik (1506) die het sacrament van de priesterwijding ontvangen had (1507), ontwikkelde hij zich na zijn benoeming in 1508 tot hoogleraar in de moraaltheologie aan de Universiteit van Wittenberg tot dé leidende persoonlijkheid van de Reformatie in het Duitse Rijk. De publicatie van zijn academische stellingen tegen de handel in aflaten op 31 oktober 1517 is het symbolische begin van het protestantisme. In 1521 werd Luther geëxcommuniceerd door paus Leo X. Luthers naam wordt dikwijls in één adem genoemd met de reformatoren Huldrych Zwingli en Johannes Calvijn.


Theologische opvattingen

Het evangelie is de ware schat van de kerk. Deze stelling, uit de 95 stellingen van 1517, is fundamenteel voor het inzicht in de theologie van Luther. In de middeleeuwen werd de vraag naar het rechtvaardig zijn voor God (vrijspraak van zonden) ook als deel van de christelijke verzoeningsleer gesteld. De rooms-katholieke leer ging ervan uit dat het rechtvaardig zijn voor God deels tot stand gebracht kon worden door het in onvoorwaardelijk geloof aan Christus verrichten van goede werken. Goede werken leveren daarmee een bijdrage aan het heil, het behoud. Door slechte werken (zonden) kon men - zo was de klassieke katholieke opvatting - de heiligmakende genade Gods verliezen. Door bestudering van de brief aan de Romeinen kwam Luther tot de opvatting dat rechtvaardiging een vrije gave Gods is die God bewijst aan goddeloze zondige mensen. Deze rechtvaardiging is verworven door Christus. De goddeloze krijgt deel aan de verworven gerechtigheid van Christus door het geloof (Rom. 1:16, 17). Het geloof verenigt met Christus en plaatst daarom de goddeloze weer in de juiste verhouding met God. De zonden worden niet door oprecht berouw (en/of de Biecht) vergeven, maar door het geloof "bedekt". Deze opvatting is fundamenteel geweest in het leven van Luther. Het doortrekt ook zijn hele theologie. Luther heeft de rechtvaardiging van de goddeloze weer voluit in het middelpunt van de theologie en de prediking geplaatst. Hij dacht hiermee precies in het voetspoor van de vroege Kerk te treden, vooral Augustinus, die eveneens de waarde van goede werken verminderde in het licht van Gods ontfermende genade. Calvijn heeft de rechtvaardiging van de goddeloze verder doordacht en uitgewerkt in zijn Institutie of onderwijzing in de christelijke religie. Calvijn wordt soms wel Luthers meest systematische leerling genoemd. De centrale gedachten van Luther komen ook weer terug in de theologie van Calvijn, hoewel er op bepaalde punten, zoals de viering van het Avondmaal, verschillen bestonden.


Koop nu

Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!