Aalscholver
שָׁלָךְ H7994 "Duikertje, Aalscholver, Phalacrocorax carbo",

Een onreine vogel (Lev. 11:17, Deut. 14:17) welke niet gegeten mocht worden. Het vlees van de vogel heeft een sterke vissmaak en wordt daarom praktisch niet gegeten.

Bijbel

Vermoedelijk de aalscholver (Phalacrocorax carbo),
In de lijsten van reine en onreine dieren wordt ook het "duikertje" of de "dodaar" genoemd (Lev. 11:17; Deut. 14:17). Hedendaagse vertalingen als de Willibrord geven "aalscholver", NV "visuil" en Naardense vertaling "visdief". Het woord שָׁלָךְ shalak komt maar alleen op deze twee plekken in de Bijbel voor, en staat vermeld onder de onreine dieren tussen de uilen en de moerasvogels. Nu is het altijd moeilijk om een woord welke maar één of twee keer voorkomt correct te vertalen, hier hebben we als extra aanduiding dat het of om een uil of om een moerasvogel gaat. Daarnaast kunnen we van de stam van het woord shalak afleiden dat het om een "duiker" gaat. Velen gaan er tegenwoordig van uit dat de שָׁלָךְ shalak de aalscholver (Phalacrocorax carbo) is, welke algemeen voorkomt aan de kust van de Middellandse Zee en de Jordaan vallei. De vogel is een fervente visrover en zijn vlees smaakt hierdoor zeer sterk naar vlees.


Biologische kenmerken

De aalscholver is een 80 tot 100 cm lang vogel met een spanwijdte van 121 tot 149 cm. De vogel is vrijwel geheel zwart, maar met een opvallende witte wang en een gele plek op de plaats van de aanhechting van de bek. De snavel is lang en voorzien van een haakvormige punt. In de broedtijd verschijnt er een witte "dijvlek". De dij is anatomisch geen dij, maar het bevederde scheenbeen (tibia) van de vogel, waarop bij volwassen aalscholvers tussen februari en juni een witte vlek verschijnt. De aalscholver heeft zwemvliezen tussen de voortenen en kan dus zwemmen en hij vangt vis door te duiken.

Hij eet dagelijks zeker 500 gram vis, welke in het broedseizoen kan oplopen tot 1000 gram per vogel als zij de zorg hebben voor een nest met drie halfvolgroeide jongen.

 


Verspreidingsgebied

De soorten Grote Aalscholver (Phalacrocorax carbo), Dwergaalscholver (Phalacrocorax pygmeus) en Kuifaalscholver (Phalacrocorax aristotelis) komen in Israël vrij algemeen voor, vooral in bepaalde binnenwateren, zoals het Meer van Galilea en het Hulameer.



Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!