Machpela
מַכְפֵּלָה H4375 "Machpela, Machpelah",

Zie ook: Mamre, Plaatsen, Spelonk,

Machpela (Matson Photo Service tussen 1950 en 1977)Machpela (Hebreeuws מַכְפֵּלָה H4375) een spelonk waar Sara werd begraven. In de buurt van het tegenwoordige Hebron (zuidelijk van Jeruzalem).


Bijbel

Machpela kaartAbraham kocht het land en spelonk van de Hethiet Efron, als graf voor zijn vrouw Sara. Abraham betaalde hiervoor 400 shekels (Gen. 23:8-16). Het lag ten oosten van Mamre (vs. 17) in het gebied van Hebron. Later werd ook Abraham zelf hier begraven (Gen. 26:9), alsook Izaak en Rebekka (Gen. 49:30-31) en Jakob (Gen. 50:13).

In Hand. 7:16 wordt vermeld dat de spelonk in Sichem lag, voor een discussie hierover zie het desbetreffende tekstgedeelte.


Terminologie

Het Hebreeuws מְעָרַ֤ת הַמַּכְפֵּלָה֙ mə‘āraṯ hammaḵəpēlâ (Gen. 23:9; 25:9) lett. "de dubbele spelonk" (E. Klein, p. 368).


Geschiedenis

Herodes bouwde er een rechthoekig gebouw om de grotten (E. Netzer, p. 231). Tijdens de Byzantijnse periode werd er een eenvoudige basilica gebouwd en werd het een pelgrimsoord voor Joden en Christenen (Piacenza Pilgrim, ca. 570).

In 614 veroverden de Sassaniden het gebied en verwoesten het gebouw, in 637 werd een moskee gebouwd op de ruïnes. In deze periode werden de toegang naar de grot afgesloten. Tijdens de kruistochten in 1100 werd het gebouw hersteld en een kerk van gemaakt. In 1188 viel het in handen van Saladin die de kerk omvormde tot een moskee, maar wel toestond dat christenen de plaats bezochten.

Tussen 1318 en 1320 kregen de Mammelukken heerschappij over het pelgrimsoord en bouwden zes cenotafen (voor Abraham, Sara, Izaak, Rebekka, Jakob en Lea). Het werd de Joden verboden om er nog te komen, alleen bij de zuidelijke trap mochten ze komen, maar later werd ook dat verboden. Gedurende het Ottomaanse rijk werd het vervallen gebouw weer hersteld en kregen de cenotafen kleden.

Na de zesdaagse oorlog, in 1967, werd het de Joden na 700 jaar weer mogelijk om de grot van Machpela te bezoeken. Het zwaar vervallen gebouw werd gerestaureerd. De toegang tot de eigenlijke grot bleef afgesloten.

De UNESCO besloot op 21 februari 2010 dat de 'al-Haram al-Ibrahimi' islamitisch is en een 'integraal onderdeel van de Palestijnse gebieden' (UNESCO, "Executive Board adopts five decisions concerning UNESCO’s work in the occupied Palestinian and Arab Territories", October 21, 2010), zonder rekening te houden met de Joodse en christelijke geschiedenis.

De huidige plek is tegenwoordig onderdeel van het zuidelijke deel van Hebron en wordt zowel door Joden als christenen vereerd.


Koop nu


Commentaar

Zie de huisregels welk commentaar wordt opgenomen!